Meteen naar de inhoud

Juweeltje over de gemeenteraadverkiezingen

Juweeltje geel

Het was de week van de gemeenteraadsverkiezingen, politiek heel dichtbij. Voor sommige bewoners komt de politiek nog steeds heel dichtbij. Omdat ze politiek actief waren en omdat ze het belangrijk vonden om te kunnen en te mogen stemmen. Andere bewoners waren nooit zo met politiek bezig en lieten het stemmen graag aan anderen over…….

Mw. W. schudt gedecideerd haar hoofd: “Nooit gestemd. Het interesseert me niet.”
Dhr. Z. met vriendelijke stem: “Ik stem altijd op de Partij van de Arbeid. Was ik lid van.”
Dat klinkt boeiend, we willen graag weten waarom.
Dhr. Z.: “Mijn vader was ook lid ervan. Ik ging naar ledenvergaderingen toe en nam deel aan de discussies.”

We vragen ons nieuwsgierig af of het er dan net zo aan toe ging als in het Engelse Parlement, met geschreeuw en veel handgebaren.

Dhr. Z. lacht en schudt zijn hoofd: “Nee, altijd luisteren naar elkaar en vriendelijk.”
Mw. S. schudt haar hoofd: “Nee, ik heb nooit gestemd.”
Ook niet in Suriname?
Mw. S. schudt lachend haar hoofd: “Moeilijke vraag. Ik ging er gewoon niet naartoe.”

Mw. W. en mw. S. kijken elkaar lachend aan, dat schept een band: samen geen interesse in de politiek.

Irene vraagt of er toen geen Socialistische Partij bestond of dat socialisten een andere partij hadden. Paula vertelt dat de SP in de jaren zestig nog niet bestond en dat mensen die socialist waren vroeger op de PvdA stemden, omdat daar de leus was: “Spreiding van Kennis, Macht en Inkomen”. Den Uyl was daar de voortrekker van.

Dhr. Z. knikt instemmend.

Mw. P. schudt haar hoofd: “Nooit gestemd.”
De dochter van mw. L vertelt, waarbij haar moeder zeer instemmend en stralend knikt, dat haar moeder altijd stemde en hun erover vertelde: “Het is een recht! Een plicht, anders kan je niet meepraten.” Ze vertelt hoe er vroeger gestemd werd in Suriname: “De Groene Partij was de NPS, die heette Groene Partij, omdat ze groen in hun logo hadden, dan had je de VHP en dat waren de twee grootste partijen. Ieder had zijn eigen partij. De NPS was voornamelijk van de Creolen, natuurlijk stemden er ook andere mensen op, maar het overgrote deel was Creools. NPS betekend: Nationale partij Suriname. Mijn moeder ging altijd naar de vergaderingen van de NPS, die waren achter ons huis. Dan werd de ladder tegen de schutting gezet en klommen we erop en zagen we precies de sprekers. Zaten we te luisteren, te joelen (van instemming) en te klappen.”

De Surinaamse bewoners die erbij zitten knikken instemmend bij haar uitleg.

Dhr. A. begint te lachen: “NPS dat is Jopie Pengel! Was een groot gebouw! Daar staat hij voor, een grote man met een groot standbeeld! Jopie Adolf Pengel, maar ze zeiden altijd Jopie Popie. Wees gerust, alles komt terecht. Dat zeiden ze altijd. Landgenoten, wees gerust alles komt terecht. Daar bedoelde hij de hele Nederlandse oorlog mee. Hij had het voorspeld, de coupe (bedoeld: de coupe in Suriname). Hij wist niet welke, maar is gebeurd. Door Bouterse. Jopie Pengel. Was een populaire man en had de grootste partij. Er was ook een pastoor, Weidmann, die had ook zijn eigen partij: de PSV, dat was voor de katholieken.”
Mw. W. luistert aandachtig: “Mijn ouders vonden het een ding (stemmen) maar ik niet.”
Wat stemden ze toen ze in Nederland kwamen?
Dhr. A.:
 “Hier de Partij van de Arbeid.”
We sluiten het gesprek af met een lied waarin Irene alles wat de bewoners hebben verteld in een lied bezingt. De bewoners knikken, luisteren aandachtig of alles klopt en lachen als ze het stukje over zichzelf horen.
Dhr. A.: “Als mijn generatie dit zouden horen, zouden ze de plaat kopen. Want Jopie Pengel komt erin.” 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.